Vlaaideeg 1: Doe het glutenvrije meel, plantaardige melk en de gist in een kom en meng tot een deeg. Het blijft wat plakkerig. Laat in de mengkom. Zie foto 1 onderaan;
Vlaaideeg 2: Meng op het aanrecht de boter met de suiker en het zout. Maak een bol. Leg het meel op het aanrecht en leg de suikerbol hierop, foto 2 onderaan. Wrijf met je handen en vingers het geheel tot kruimels, foto 3. Doe deze kruimels bij vlaaideeg 1 en laat 10 minuten staan;
Kneed de 2 soorten deeg door elkaar een maak hiervan 2 gelijke bollen. Laat de bollen 35 minuten rijzen onder een vochtige theedoek;
Vulling: Schil de appel en snijd in kleine stukjes. Doe de appeltjes in de pan en bak/kook 5 minuten. Er komt vocht vrij. Giet het kort af, zodat het hele natte van de appeltjes af is. Doe daarna terug in de pan;
Meng de kristalsuiker met de maïzena en kaneelpoeder. Roer dit door de appeltjes en laat 2 minuten op laag vuur staan. Laat het geheel afkoelen en ga verder met de volgende stappen;
Smeer de vlaaivorm in met margarine. Rol 1 bol vlaaideeg uit tot de grote van de vlaaivorm + extra voor de rand. Klap het beslag dubbel en leg op de vlaaivorm. Klap uit en leg het deeg goed op de vlaaivorm. De randen mogen iets uitsteken. Prik een paar gaatjes in de bodem met een vork;
Giet de appelvulling af, zodat deze niet te nat is voor de vlaai. Verdeel de vulling over de vlaaibodem;
Rol het overgebleven bolletje deeg uit en maak hiervan slierten en maak een raster op de vulling. Duw de zijkanten goed aan.
Laat de vlaai nog 30 minuten rijzen. Verwarm ondertussen de oven voor op 200 graden;
Maak het Victoriabeslag. Klop het eiwit los. Voeg de amandelen, kristalsuiker en citroenrasp toe en roer door;
Verdeel het Victoriabeslag over het raster van de taart;
Bak de taart in 35 minuten gaar. Als de bovenkant te donker wordt, dek deze dan af.
Laat afkoelen en maak af met toefjes vanilleslagroom.